Wessel van Keuk ruikt het gevaar
Een eerzame Amsterdamse huisschilder die al meer dan twintig jaar meerijdt in de voorste gelederen van Tour de France, de Giro d’Italia en alle grote internationale wielerklassiekers. Dat is geen woeste fantasie maar realiteit. Meer dan honderd keer per jaar verruilt hij de witte overal en verfkwasten voor een fotocamera. Amsterdammer Wessel van Keuk realiseerde zijn jongensdroom.
Op smalle, stoffige kasseipaden, midden in akkerland staan tienduizenden mensen uren te wachten. Er wordt gegeten. Dorst wordt weggedronken met liters bier. Dan gaat het beginnen. Zacht klinkt het geluid van een helicopter. In de verte verplaatst zich één grote stofwolk. Het circus van Parijs-Roubaix maakt zijn jaarlijkse boetedoening door de Hel van het Noorden. Als renners dwars door een walm van bierlucht en stof voorbij stuiteren worden de grenzen van de hectiek ver opgeschoven. Amsterdammer Wessel van Keuk, als wielerfotograaf gepokt en gemazeld is steeds weer verbijsterd.
,,Daar staan echt duizenden supporters op heel smalle weggetjes en ze doen geen stap opzij. Renners en motoren scheuren er vlak langs. De achteruitkijkspiegel van de motor kleppert met een ritmisch geluid tegen de mensen op. Dat daar geen ernstige ongelukken gebeuren verbaast mij nog steeds.” Parijs-Roubaix staat bekend als een forse aanslag op mens en materiaal. Maar ook op fotografen. ,,Na deze koers moet mijn Canon naar de fabriek. Die zit dan helemaal onder het stof.”
Zijn baan is zwaar of om in wielertermen te blijven: een hard labeur. Het is keihard werken waarbij soms wekenlang uit de koffer wordt geleefd. Tijdens de ronde van Frankrijk maakt hij dagen van meer dan vijftien uur. Klagen doet Wessel van Keuk (51) niet. Daarvoor houdt hij te veel van het wielrennen, zit hij te graag midden in de koers. Na twintig jaar verveelt het nog steeds niet. Zelf heeft hij ooit gekoerst maar werd te licht bevonden. En dan zijn er van die toevalligheden die het lot bepalen.
,,In 1984 ben ik er als wielerfotograaf ingerold. Ik had nog nooit een foto genomen. Na een kampioenschap waaraan ik meedeed, werd ik door Cor Vos van het gelijknamige fotobureau gevraagd of ik tijdens koersen chauffeur wilde worden. Ik kreeg meteen een fototoestel in handen gedrukt. Datzelfde jaar gingen we naar het wereldkampioenschap in Barcelona. Ik maakte puur toevallig een foto die aansloeg want hij werd overal geplaatst.” Twee jaar later mocht Van Keuk als duvelstoejager naar de Tour de France waarbij zijn voornaamste opdracht was om fotorolletjes op te halen en naar Nederland te brengen. In 2000 zat zijn leerproces erop.
Wessel van Keuk, huisschilder uit Amsterdam, was wielerfotograaf. Als één van de twaalf officieel geaccrediteerde fotografen én als enige Nederlander volgt Van Keuk achterop een motor de koers. ,,Ik heb een vaste motorrijder, Jos Verschuren, zo’n ruige biker die helemaal onder de tatoos zit. We zijn een hecht team, helemaal op elkaar ingespeeld. Jos rijdt de motor en ik moet op van alles letten maar ook nog eens de foto’s maken. Het is een heel professioneel wereldje, een samenspel van renners en fotografen. Als Verschuren claxonneert gaan renners meteen opzij, de motor remt niet eens. Die renners weten gewoon wat ze moeten doen.”
En soms gaat het fout. Zoals tijdens de Omloop van het Nieuwsblad, de openingskoers van het jaar. Heel België en Nederland zagen op de televisie hoe Wessel en Jos Verschuren een schuiver maakten. Maanden later zat Jos nog in de lappenmand maar Van Keuk bleef er vrij laconiek onder. Kan ook niet anders als je tijdens bergetappes met meer dan honderd kilometer langs diepe afgronden scheurt. Valpartijen, als in de Ronde van Italië de afgelopen maand, zijn voor Van Keuk de krenten in de pap. Als voormalig wielrenner ruikt hij gewoon waar het gevaar schuilt. Zoals bij de afdaling van de Kemmelberg in Gent-Wevelgem twee jaar geleden. Hij wist dat hem daar verschrikkelijke dingen konden gebeuren.
,,Bij die steile afdaling over een kasseiweg gingen een paar renners afschuwelijk onderuit. Ik stond daar als enige fotograaf en deed mijn werk. Een dag later stonden er honderdtwintig foto’s in de kranten waarvan tachtig van mij.”
Als fotograaf heeft Wessel van Keuk duizenden koersen gevolgd. Maar hij weet feilloos wat zijn mooiste en meest spannende momenten waren. De Giro d‘Italia door zijn eigen Mokum. ,,Dat vond ik zó leuk, zo apart. ‘s Morgens, tijdens het controleren van het parcours was de stad angstig stil. Ik hield mijn hart vast. Dacht, dat wordt één grote flop. Maar die middag”, roept hij nog steeds verbaasd uit ,, was het één groot spektakel, met volk rijen dik. Italiaanse toestanden.”
Voor Van Keuk is het fotografen een hobby. Hij maakt er bewust zijn broodwinning niet van. Als huisschilder runt hij zijn eigen bedrijfje. ,,Ik zie mijzelf niet nog jarenlang op de motor zitten want het wordt steeds gevaarlijker. Bovendien,ik vind mijn werk als schilder veel te leuk.”
[André Stuyfersant Mug Magazine juni 2011]


















