Bijstand? Nederlands bijspijkeren…
De VVD wil dat vanaf volgend jaar het beheersen van de Nederlandse taal noodzakelijk is om in aanmerking te komen voor een bijstandsuitkering, zo meldt de Telegraaf.
Tweede Kamerlid Cora van Nieuwenhuizen heeft daartoe een wetsvoorstel gemaakt. Ze hoopt dat Tweede en eerste Kamer het voorstel nog dit jaar kunnen behandelen.
Behalve PVV staat ook D66 positief tegenover dit idee. „Het hangt wel af van de uitwerking, maar in de basis vind ik dat iemand Nederlands moet spreken als hij een beroep doet op een uitkering”, zegt D66-Kamerlid Fatma Koser Kaya tegen de Telegraaf.
Volgens Van Nieuwenhuizen moet de taaleis gelden voor iedereen die een beroep doet op de bijstand. Zij moeten aan hetzelfde het minimumniveau voldoen als inburgeraars. Halen ze dit niveau niet, dan krijgen ze nog de kans hun Nederlands bij te spijkeren. Ook wordt een zogeheten hardheidsclausule ingebouwd om onrechtvaardige situaties te voorkomen.
„Maar gooit iemand zijn kont tegen de krib, dan kan na een half jaar de uitkering gekort worden met 20 procent. Blijkt later dat iemand nog steeds niet meewerkt, dan gaat er 40 procent vanaf. Uiteindelijk kan het recht op bijstand echt helemaal wegvallen”, aldus Cora van Nieuwenhuizen van de VVD.
PvdA, SP en GroenLinks spreken van overbodige wetgeving, omdat mensen in de bijstand verplicht zijn hun best te doen om aan het werk te komen. Deze partijen stellen dat mensen in de bijstand nu al moeten meewerken aan een taalcursus als dat nodig is om werk te vinden en dat ze gekort kunnen worden op de uitkering als ze dat niet doen.
















