‘Armoede blijft zorg van de overheid’
Marie-Louise Voors van de Delta Lloyd Groep Foundation (DLGF) vindt dat armoedebestrijding primair een taak van de staat is. Waar de overheid steken laat vallen helpen bedrijven een handje mee. Zo doet DLGF veel op het gebied van financiële zelfredzaamheid.
Amsterdam kan meer doen om armoede tegen te gaan, vindt Marie-Louise Voors, programmamanager van de Delta Lloyd Groep Foundation: ,,Voedselbanken zijn prima maar het is wel symptoombestrijding. Je moet de kern aanpakken, kwetsbare mensen leren grip te krijgen op hun financiën. Rondkomen met weinig geld is moeilijk maar voedselbanken in Nederland… dat zou toch niet mogen?”
DLGF is een van de aanjagers van samenwerking tussen grote bedrijven in Amsterdam in het bestrijden van armoede. Multinationals als IBM, ING, Nike, Tempo-Team en Delta Lloyd, alle doen ze aan maatschappelijk betrokken ondernemen (mbo). Ze zetten middelen en personeel in voor de lokale bevolking, vaak op basis van waar ze als bedrijf goed in zijn. ‘Geldfabriek’ Delta Lloyd richt dus op financiële zelfredzaamheid.
Voors: ,,Wij hebben verstand van geld, dat is de kern van ons bedrijf. We weten hoe je een goede administratie moet voeren, zodat er een gezonde balans tussen inkomsten en uitgaven is. Die kennis willen we overbrengen. Organisaties die zich daarvoor inzetten, steunen we financieel en met de inzet van collega’s. Zij doen her en der in de stad vrijwilligerswerk.”
‘Gemeente kan leren van de efficiency van bedrijven’
Hoe gaat dat in zijn werk?
,,We steunen bijvoorbeeld het Madi-project in Zuidoost. Madi is een maatschappelijke dienstverlener die jongeren leert met geld om te gaan. Mijn collega’s zitten daar om de week op woensdag om adviezen te geven. Kinderen en jongeren leren met geld om te gaan doen we op meer plekken.”
De foundation steunt tientallen projecten. Wat is het criterium?
,,We kiezen organisaties die met hun voeten in de klei staan. Ik ben zeer te spreken over het werk van Hille Hoogland van de Voedselbank Amsterdam. Zij organiseert cursussen voor cliënten, leert mensen hoe ze goedkoop boodschappen kunnen doen en een huishoudboekje moeten bijhouden.”
DLGF is initiatiefnemer van Basta (Bedrijven in Amsterdam Samen Tegen Armoede). Waarom?
,,Als bedrijfsleven kunnen we door samen te werken goede initiatieven beter van de grond krijgen. Basta brengt mensen uit bedrijven samen, bundelt hun krachten. Nog dit jaar beginnen we met Basta.”
Vorig jaar werd het Pact voor Amsterdam gesloten: meer samenwerking tussen gemeente, bedrijfsleven en organisaties. Wethouder Freek Ossel stelde dat Amsterdam armoedebestrijding niet alleen aankan. Is het een goede ontwikkeling dat de overheid zich terugtrekt?
,,Nee. Het is een kerntaak van de overheid om kwetsbaren te beschermen en te helpen. Ook in tijden van zware bezuinigingen. Maar je mag van het bedrijfsleven ook iets verwachten, zeker wanneer de overheid het moeilijk heeft zoals nu. De overheid zou wel meer kunnen doen aan zelfredzaamheid en zelfontplooiing. Maak het bijvoorbeeld startende ondernemers een makkelijker door de regeldruk te verminderen. Er zijn nu tientallen regels en formulieren nodig voor je iets kan beginnen. Dat schrikt af.”
Dus niet terug naar charitas, liefdadigheid van particulieren?
,,Ik geloof daar niet in, wel geloven we meer in de eigen kracht van mensen dan in pamperen. Deze tijd vraagt zelfredzaamheid. Internet en sociale media kunnen helpen om mensen contact met elkaar te laten maken en meer bij de samenleving te betrekken.’’
Bestrijdt Amsterdam armoede op de goede manier?
,,Er zijn veel goede initiatieven maar het is zo versnipperd. Als DLGF met de gemeente contact zoekt, krijgen we te maken met verschillende directeuren, sectorhoofden en armoederegisseurs. Er zijn zoveel schotten, regeltjes en procedures, dat blokkeert. De gemeente kan iets opsteken van de efficiency van bedrijven. Onderzoek nou eens waarom mensen geen eigen inkomsten hebben. Wat kun je daaraan doen? Noem tien concrete actiepunten om tussen nu en 2012 armoede tegen te gaan. DLGF heeft een eigen budget met doelstellingen. Daar moet ik mij vier keer per jaar bij mijn bestuur voor verantwoorden: hoe staat het ermee, welke vorderingen zijn er gemaakt? Overigens heeft Amsterdam het over ‘armoedebestrijding’. Ik vind dat zó negatief, noem het ‘welzijnsbevordering’.’’
[Marcel Schor MUG Magazine Juni 2011]



















